Patan, het kleine Kathmandu

De verwachte jetlag vandaag blijft gelukkig een beetje uit, waren die uurtjes in het vliegtuig toch wel even goed en gecombineerd met dat ik pas rond half elf naar bed ben gegaan, zit ik eigenlijk direct in het nieuwe ritme. Desondanks slaap ik wel tot tien uur uit want ik kwam toch wat moeilijk in slaap, in Nederland was het natuurlijk nog maar een uurtje of zes, en een andere omgeving maakt het ook altijd lastig. Ik had m’n slaapzak er bijgenomen en dat zorgde er wel voor dat ik toch lekker heb geslapen ondanks dat het bed nogal ‘stijf’ was met z’n houten onderkant.

Lopen naar Patan

Zoals Mara gisteren voorstelde, gaan we vandaag met z’n drieën op weg naar Patan. We besluiten, de ongeveer 6 kilometer, te lopen om nog wat meer van Kathmandu te kunnen zien. Uiteraard is het weer overal chaos en getoeter, maar na gister ben ik al wat minder overweldigd door alle indrukken. Ik verbaas me erover hoe snel het dan toch went. Zodra we rivier over zijn en in Patan zijn, zien we duidelijk het verschil met Kathmandu, dit is waarschijnlijk het rijkere gedeelte. De huizen zien er mooi en onderhouden uit en ook de wegen liggen er veel beter bij.

We kopen onderweg wat fruit bij één van de vele winkeltjes en dan zijn we bij de Durbar Square van Patan. Het plein hier ziet er wel wat beter uit dan de Durbar Square in Kathmandu, minder van de gebouwen staan in de steigers. Ondanks dat we eigenlijk weer niet zomaar het plein op mogen, lopen we ook hier gewoon door alsof we niks door hebben en gaan zitten op één van de gebouwen om ons fruit te eten om opnieuw mensjes te kijken. Ik krijg er geen genoeg van hier in het kleurrijke Nepal. Als we na een half uurtje doorlopen, slaan we gewoon een zijweggetje in waar het direct stuk rustiger is en voelt als een dorpje. De kinderen hebben net pauze van school en spelen op straat en de oude mannen zitten te kletsen op een hoekje. Als we doorlopen, lopen we zo rechtstreeks in een ceremonie waarvan we geen idee hebben wat er aan de hand is, maar het ziet er wel mooi uit. De mannen lopen eerst voorop met fluiten, allemaal met hetzelfde hoofddeksel, en lopen om een klein tempeltje. Dan komen de vrouwen, ook allemaal hetzelfde gekleed, en dragen schalen met iets wat lijkt op popcorn en bloemblaadjes. De vrouwen zien er prachtig uit. Als laatst komen er twee oudere mensen op een stoel in de lucht aan, gedragen door anderen. We volgen de kleurrijke stoet een tijdje maar gaan dan weer onze eigen weg.

 

 

De Swayambhu stupa

We stoppen nog even om iets te eten, ergens waar de locals ook eten. In Nederland zou je in zo’n hokje nooit iets eten, maar hier doe je dat gewoon, ik hoop maar dat m’n darmen dat een beetje gaan verdragen 🙂 Dan nemen we een taxi naar de Monkey tempel, ofwel de Swayambhu stupa, ten westen van Kathmandu. Ik had nog wat druifjes over die ik in het plastic zakje aan m’n rugzak had gehangen. Zodra we uit de taxi stappen, zit er al een aap aan m’n tas te graaien en voordat ik iets kan doen heeft de aap het plastic tasje al opengemaakt en druifjes gepakt. Snel stop ik de druiven in m’n tas. Fabio en Mara moeten wel lachen, zeker als ik de volgende aap behoorlijk achterdochtig aankijk en er met een grote boog omheen loop, ligt Mara in een deuk. Monkey tempel doet z’n naam eer aan, overal lopen apen. Als we bij de Stupa omhoog gaan, is het uitzicht geweldig en we lopen verschillende rondjes op het terrein.

 

 

Het lokale eten in Nepal

Terug in Thamel gaan we MoMo’s eten bij de MoMo-hut. MoMo’s zijn een Nepalese specialiteit, het zijn een soort dumplings gevuld met verschillende vullingen: kaas, spinazie, erwten, pinda’s, vlees, en ze zijn heerlijk. Mara en ik nemen er ook Dal Bhat bij, een soort linzensoep met rijst. Na zo’n lange dag sjouwen is het heerlijk. Mara had van een vriend begrepen dat je Dal Bhat altijd mag laten bijvullen en ze vraagt de ober of het kan. Hij lacht ons een beetje gek toe, maar vult uiteindelijk haar en mijn kommetje bij. Later zoeken we het op, en eigenlijk mag je het alleen onbeperkt bijvullen als je een hele Dal Bhat maaltijd neemt (hetzelfde, maar dan met groentes). Fabio en ik maken er nog wat grappen over, en over de blik van de ober, en of we onze biertjes die we in het hostel doen, ook nog gratis kunnen laten bijvullen. Ik en Nepal gaan goed samen op de eerste dagen!

 

 

By | 2017-05-25T22:41:01+00:00 March 16th, 2017|0 Comments

Leave A Comment